Fotopolo

Gepubliceerd op 10 december 2025 om 09:00

Antwerpen – Het is officieel. Ik ben een waterpolowedstrijdfotograaf. Voor één dag toch. De locatie van vandaag: het Olympisch Zwemcentrum Wezenberg aan de Desguinlei in Antwerpen.

De actie van een waterpolowedstrijd scherp op een foto krijgen is niet evident. De keiharde ballen vliegen vlot in het rond, met alle risico’s van dien: kans op kwetsuren en op schade aan je fototoestel.  Focus dus. Letterlijk en figuurlijk.

Ik heb me voorgenomen om me open te stellen voor zoveel mogelijk soorten fotografie, om te ontdekken en te ervaren. Dus zet ik al mijn bedenkingen en bezwaren even opzij en jaag ik vandaag op prentjes van sportieve jongens en meisjes in zwembroek en badpak die op fanatieke wijze een bal achterna zwemmen.

 

Handbal

Waterpolo. Voor veel mensen is het handbal, maar dan in een zwembad. Wat we vandaag vooral merken: dit spel heeft een eigen categorie. De categorie: georganiseerde chaos mét badmuts.

De spelregels? Een waterpoloteam bestaat uit zes veldspelers en één keeper. Die laatste heeft als enige speler het recht om de bal te blokken met twee handen.

Waterpolo is tikkertje, maar dan met een bal, een doel en iedereen die full speed borstcrawl doet. Tijd om even rustig te drijven? Neen, dat doen we niet. Waterpolo heeft één ongeschreven regel: wie stilstaat, zinkt. Letterlijk en figuurlijk.

Spelers mogen de bal maar met één hand aanraken. Het is dus een beetje alsof ze voortdurend proberen een natte watermeloen met één hand op te tillen.

Waterpolo staat bekend als een behoorlijk fysieke sport. In het water gebeurt er van alles onder de oppervlakte. Een tikje hier, een kneepje daar. Soms ook ongewenste intimiteiten, maar wat happens under water, stays under water. De scheidsrechter is ook maar een mens. Fouten worden niet altijd gezien. Maar als ze worden gezien, volgen er consequenties: zoals 20 seconden straftijd op de bank. Niet om af te koelen, maar omdat je team opeens met een man minder moet spelen en jou aankijkt alsof jij de chloor hebt laten verdampen.

Een goede waterpoloschutter lijkt op iemand met een katapult ingebouwd in zijn schouder. Die bal vliegt soms zo hard richting doel dat je bijna medelijden krijgt met de keeper. Tip voor fotografen: de meeste kans op materiaalschade is achter het doel. Te mijden dus.

Die charmante, iconische badmuts met oorbeschermers is verplicht. Niet omdat het zo modieus is, maar om de oren te beschermen tegen ballen, ellebogen en de harde realiteit van waterpolo.

Het bad

Als Antwerpen ergens écht in uitblinkt, dan is het wel in karaktervolle plekken waar sport, geschiedenis en een vleugje stadsenergie samenkomen. Het Olympisch Zwemcentrum Wezenberg is daar een perfect voorbeeld van. Wie er ooit een baantje getrokken heeft, weet het: dit is geen gewoon zwembad. Dit is een Antwerpse instelling.

De Wezenberg opende in de jaren ’20 van de vorige eeuw zijn deuren en groeide al snel uit tot dé plek waar sporters, studenten, buurtbewoners en professionele atleten samen het water deelden. Doorheen de jaren kreeg het bad meerdere renovaties en upgrades, waardoor het vandaag nog altijd voldoet aan internationale normen. Het 50-meterbad is volledig uitgerust voor topcompetities, maar blijft tegelijk toegankelijk voor iedereen die gewoon een frisse duik wil nemen.

Het Olympisch zwemcentrum is meer dan chloor en tegeltjes. Het is een stukje Antwerpse sportgeschiedenis. Hier trainden bekende Belgische zwemmers, vonden talloze zwemwedstrijden plaats en werd generaties lang aan zwemlessen gedaan. Wie in Antwerpen opgroeit, heeft meestal wel minstens één herinnering aan de Wezenberg: van die eerste sprong van het startblok tot dat gevoel van triomf wanneer je eindelijk zonder plankje kon zwemmen.

Kortom: de Wezenberg is meer dan een zwembad. Het is een mijlpaal, een ontmoetingsplek, een stukje erfgoed en — voor de Antwerpse ploegen van vanavond — een tweede thuis. De volgende keer dat je er binnenwandelt, kijk dan even rond. Je stapt immers binnen in een brok Antwerpse geschiedenis.

Voer voor fotografen

Waterpolo fotograferen is een beetje zoals proberen foto’s te nemen van dolfijnen die koffietjes gedronken hebben: snel, hyperkinetisch en onvoorspelbaar. Maar geen paniek: met de juiste instellingen wordt je camera een heuse waterpolo-paparazzo.

 

  1. Sluitertijd: snel

Waterpolospelers bewegen bliksemsnel, alsof het water hen een turboboost geeft. Gebruik dus een sluitertijd van minstens 1/500 s, liefst 1/1000 of — nog beter — 1/1600. Alles trager levert foto’s op die eruitzien alsof je lens een existentialistische fase doormaakt: wazig, soft en emotioneel in de knoop.

 

  1. Diafragma: open

Omdat je sluitertijd zo snel staat, heb je licht nodig. Véél licht. Zet je diafragma dus mooi open — f/2.8, f/3.5 of f/4. Bonusvoordeel: je krijgt een heerlijke achtergrondonscherpte, waardoor het lijkt alsof je speler meespeelt in een epische sportdocumentaire.

 

  1. ISO: ruis

Binnenzwembaden staan nu eenmaal niet bekend om gezellige, Instagram-waardige verlichting. Schrik dus niet als je ISO omhoog moet — 800, 1600, 3200… soms zelfs (veel) hoger. Ja, je krijgt ruis. Nee, niemand ligt daarvan wakker: het is sport, geen portret van de Mona Lisa.

 

  1. Focus automatisch

Gebruik automatische autofocus zodat je camera de spelers blijft volgen wanneer ze plots onder water duiken, weer boven komen en ondertussen een bal wegslingeren alsof ze auditie doen voor een actiefilm. Kies ook voor burstmodus, in fotografiemiddens beter bekend als ‘metraillette-modus’. Geen drie foto’s per seconde, maar álles wat je toestel heeft. Tien? Doen. Twintig? Gas erop. Jij klikt, de camera doet de rest. Het is voor een goed fotografiedoel.

 

  1. Witbalans: zwembadblauw

Zwembaden hebben licht dat varieert tussen ‘mysterieus blauw’ en ‘ongezond TL-groen’. Zet je witbalans op Auto en corrigeer later. Echt: je hebt geen zin om tijdens de match te twijfelen of 4300K of 4800K het beste past bij een man die net een bal op je toewerpt.

 

  1. Locatie

Ga zo dicht mogelijk bij de actie staan. Let er wel op dat je niet zelf als figurant in het water belandt. Zwembad­randen, tribunehoogtes of achter het doel zijn top. En als een speler je nat spettert? Zie het als een gratis lensreiniging (maar haal toch maar snel dat doekje boven).

Waterpolo is snel, grappig, chaotisch en fotogeniek. Soms mis je het perfecte shot. Soms krijg je een foto van een speler met de mooiste waterplons die je ooit zag. Voor dat soort onverwachte momenten word je waterpolowedstrijdfotograaf voor één dag. En gaat het onderweg echt helemaal fout? Dan verkoop je zonder schroom een mislukt beeld als ‘abstracte’ sportkunst. Werkt altijd.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.